Vorige Volgende Afdrukken Link doorsturen

Minimumnormen voor huurwoningen

Wat?

De Vlaamse Wooncode legt minimumnormen op waaraan huurwoningen moeten voldoen. Ze moeten onder meer basiscomfort bieden, veilig en gezond zijn.

Voor de verhuur van kamerwoningen legde de Denderleeuwse gemeenteraad in 2000 aanvullende kwaliteits- en veiligheidsnormen op, in toepassing van het Vlaams decreet op de verhuur van kamerwoningen.


Voldoet een woning niet aan deze minimumnormen, kan ze geïnventariseerd worden als ongeschikt of onbewoonbaar, waardoor de eigenaar een jaarlijkse heffing moet betalen.

Ongeschikte en onbewoonbare woningen kunnen ook geen conformiteitsattest krijgen.

Twee types woningen

Er wordt onderscheid gemaakt tussen twee types woningen: zelfstandige woningen en kamers.

  • Een zelfstandige woning beschikt over minstens een eigen toilet, een eigen wasgelegenheid en een eigen kookgelegenheid. Voorbeelden van zelfstandige woningen zijn ééngezinswoningen en appartementen.
  • In een kamer ontbreekt het toilet, de wasgelegenheid of de kookgelegenheid. De bewoner van een kamer moet voor minstens één van die drie functies een beroep doen op een gemeenschappelijke voorziening binnen in het gebouw.

Zware en lichte gebreken

  • Zware gebreken: één enkel zwaar gebrek is al voldoende om een conformiteitsattest te weigeren en de woning of kamer ongeschikt of onbewoonbaar te verklaren. Voorbeelden van zware gebreken zijn ernstige risico's op elektrocutie, brand, ontploffing en CO-vergiftiging.
  • Lichte gebreken: sommige gebreken spelen mee in de eindbeoordeling, maar zijn op zich niet voldoende om een woning of kamer ongeschikt te verklaren of het conformiteitsattest te weigeren. Dat kan pas wanneer ze samen met andere gebreken voorkomen. Voorbeelden van lichte gebreken zijn beperkte vochtschade, verweerde ramen en deuren, onvoldoende verluchting en beschadigingen aan het pleisterwerk.

Normen voor zelfstandige woningen

  • Elke woning moet minstens voorzien zijn van een gootsteen, een lig-, zit- of stortbad en een toilet.
  • De woning moet natuurlijk licht binnenlaten via doorzichtige ramen of koepels.
  • De totale vloeroppervlakte van alle slaap-, kook- en leefruimtes samen moet minstens 18 m² bedragen.

Overtredingen van bovenstaande normen gelden als zware gebreken.

  • De keuken of kookhoek moet minstens twee geaarde stopcontacten hebben.
  • In de leefkamer moet er minstens een afvoer voor een vast verwarmingsapparaat aanwezig zijn, of een aparte stroomkring voor elektrische verwarmingstoestellen;
  • De woning moet afsluitbaar zijn.
  • De hoofdkraan van de waterleiding moet toegankelijk zijn voor alle bewoners van het gebouw.

Wanneer de woning aan één van deze normen niet voldoet, geldt dit als een licht gebrek.

 

Normen voor kamers (en de gemeenschappelijke voorzieningen)

 

Ook de gemeenschappelijke delen van het gebouw tellen mee in de kwaliteitsbeoordeling van de kamers, aangezien die op deze gemeenschappelijke voorzieningen aangewezen zijn.

Indien in een gemeenschappelijke douche bijvoorbeeld een risico op CO-vergiftiging wordt vastgesteld, zullen alle kamers zonder eigen douche ongeschikt verklaard worden en kunnen ze dus geen conformiteitsattest krijgen.

Normen voor de kamers zelf

  • De kamer moet natuurlijk licht binnenlaten via doorzichtige ramen of koepels.
  • In de kamer moet minstens een afvoer voor een vast verwarmingsapparaat aanwezig zijn, of een aparte stroomkring voor elektrische verwarmingstoestellen.
    Gastoestellen voor de verwarming van de kamer moeten sinds 1 februari 2008 luchtdicht zijn met gevel- of schoorsteenafvoer.

Overtredingen van deze normen gelden als zware gebreken.

  • De hoofdkraan van de waterleiding moet toegankelijk zijn voor de bewoners van alle kamers.
  • Voor een kookgelegenheid in de kamer moet er een extra geaard stopcontact aanwezig zijn.
  • De kamer moet afsluitbaar zijn.
  • Een gootsteen op de kamer moet voorzien zijn van een aanvoer van koud en warm water.
  • Als er een toilet op de kamer is, moet dit degelijk afgescheiden zijn van de woon- en kookruimte.

Normen voor de gemeenschappelijke delen

  • Een gemeenschappelijke badkamer of douche moet beschikken over aanvoer van koud en warm water, vorstvrij zijn en afsluitbaar zijn.
  • Een gemeenschappelijke kookgelegenheid moet een gootsteen met koud en warm water hebben. Er moet minstens één afvoer voor een vast verwarmingsapparaat aanwezig zijn, of een aparte stroomkring voor elektrische verwarmingstoestellen. Er moeten minstens twee geaarde stopcontacten zijn, een aanrecht en een kookfornuis of kookplaten, een koelkast, en voldoende natuurlijke lichtinval (minstens een koepel).
  • Een toilet moet afsluitbaar zijn.
  • Als de gemeenschappelijke delen te klein of te schaars zijn, zullen strafpunten doorverrekend worden aan de kamers die er afhankelijk van zijn. Daarvoor gelden de volgende richtlijnen:
    • per tien bewoners die geen eigen wasgelegenheid hebben, moet er een gemeenschappelijk lig-, zit- of stortbad aanwezig zijn;
    • per zes bewoners die geen toilet op de kamer hebben, moet er een gemeenschappelijk toilet zijn;
    • de vloeroppervlakte van de gemeenschappelijke keuken moet per bewoners minstens 1,5 m² bedragen. Bijvoorbeeld: als de gemeenschappelijke keuken voor zes bewoners bestemd is, moet ze minstens 6 x 1,5 m² = 9 m² groot zijn. 

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u terecht bij de lokale diensten van het agentschap Wonen-Vlaanderen in uw provincie:

Wonen Oost-Vlaanderen

VAC - Virgenie Lovelinggebouw
Koninging Maria Hendrikaplein 70 bus 92, 9000 Gent
Tel.: 09 276 25 00
E-mail: wonenoost-vlaanderen@rwo.vlaanderen.be

 

Inlichtingen en advies over deze woonreglementeringen kan u ook verkrijgen op de huisvestingsdienst.


 

Wenst u meer informatie?
  • Dienst Huisvesting
    Alfons De Cockstraat 1
    9470 Denderleeuw
    Tel. 053 640 687
    Fax 053 680 748
    e-mail
    openingsuren
Verwante pagina's